Liefdes- en levensbrief 2: Liefde zonder begin of eind.

Binnen een drietal weken word je 1 jaar en vier maand (ik weiger te rekenen in maanden).  Enkele maanden geleden pende ik het schrijfsel ‘Moeder ben je, vader word je‘ op deze blog neer.  Ondertussen zijn we twee derde van een jaar (we blijven consequent 😉 ) verder en schreeuwde mijn hart voor een vervolg.

Een tweede fase als vader.

Liefste Milo,Welkom.  Welkom op deze steeds veranderende wereld.  Welkom op een plaats waar het goed is.  Welkom op een plaats waar het soms hard is.  Waar puurheid zeldzaam is.  Welkom op een plaats waar zon en regen ervan houden verstoppertje te spelen.  Maar vooral welkom bij ons, in ons gezinnetje van drie, in een familie met hartverwarmende oma’s en opa’s, met vrienden die vrienden genoemd mogen worden.

Ja, het recente vaderschap gaf me schommels van gevoelens.  Maar die schommels transformeerden in een groot avontuurpark.  Steeds meer wordt het één groot avontuur.  Een avontuur vol ontdekkingen, zowel voor jou als voor ons.

Liefde is me niet vreemd want ik ben de ongelooflijke gelukzak die je moeder mag beminnen.  En eerlijk is eerlijk, het duurde jaren vooraleer ik klaar was voor de grote stap.  Van twee naar drie.  Maar de zekerheid dat mijn grote liefde een fantastische moederrol ging vervullen, bood me, voor ik me ook maar een beetje kon inbeelden wat ouderschap definieerde, mentale stilte.

Sinds enkele maanden weet ik ook hoe de mooiste vorm van liefde aanvoelt.  Een gevoel die elke moeder of vader voelt maar niet weet hoe ze te omschrijven.  Er is geen A of geen Z, geen begin en geen einde.

De term ‘Als je later groot bent’ en de woorden ‘groot’ en ‘sterk’ zullen door een trechter in je mond naar binnen geduwd worden maar vergeef het ons.  Want elk woord, elke handeling, elk uur en elke minuut staan ten dienste.   Om van jou een gelukkig en zo compleet mogelijk mens te maken, op basis van jouw karakter en persoonlijkheid.

Probeer veerkrachtig te zijn want het leven is vallen en steeds weer opstaan (regen en zon spelen verstoppertje maar de zon maakt zoveel goed).  Heb respect en laat gelijkheid centraal staan (het is geen keuze om in een rijk of arm land geboren te worden, het is ook geen keuze om intelligent of minder vernuftig te zijn.  Bijna alles draait om puur geluk).   We zijn allemaal mensen ongeacht kleur, vorm of natuur.  Wie liefde geeft, zal liefde ontvangen.

Wees gerust anders maar wel puur.

Zoon van me, klein mensje.  We zullen er altijd voor je zijn.

En ja, soms zullen we ‘nee’ knikken ondanks dat ons hart ‘ja’ zegt, maar zoals eerder vermeld, alles is ten dienste.

Liefste Milo, nachten zijn soms dagen zonder nachten maar beminde zoon van me, jij bent het mooiste.  Elke kleine stap die je maakt, laat onze blijdschap groeien.  Elk klankje, een nieuw gebaar of een nieuwe beweging doen onze ogen fonkelen.

Milo, in mijn hart heerst er nooit nog stilte, alleen maar onvoorwaardelijke liefde.

Je Papa.

Advertisements

Nino


Dag liefste zoon van me,

Je wordt mondiger en mondiger! Als je maar niet te mondig wordt (grapje). De stilte in huis verschuilt zich overdag en komt pas ‘s avonds na acht uur weer op de planken. Met een grote lach vragen we ons soms af of je wel van ‘ons’ bent. In je genen zitten geen grote vertellers. Je zal wel nog ontdekken dat er in het leven verschillende soorten mensen zijn, op alle vlak. Zo zijn er de gevers en de nemers en de vertellers en de luisteraars. Je moeder en ik behoren eerder tot die laatste groep.

Soit. Sedert vorig weekend probeer je eindelijk je naam uit te spreken. Je stelde ons geduld aardig op de proef. Het leek wel een eerste daad van verzet. De koppigaard in je weigerde pertinent te antwoorden op de vraag ‘Hoe noem jij?’. Vorig weekend was het dan eindelijk zo ver. Op de vraag ‘Hoe noem je’ antwoordde je heel enthousiast ‘Nino’.

Nu, Nino is nog een stukje verwijderd van Milo maar de klinkers zitten alvast goed en de rest volgt wel.

Met ‘Nino’ deed je me uiteraard even dromen.

Nino Schürter is tenslotte de beste mountainbiker van het laatste decennium en dan durft een ‘bikende’ vader al snel eens de droomfabriek binnen te fietsen. ‘Misschien is het een teken’ was zowat het eerste wat in me opkwam. En onmiddellijk wist ik: deze gedachte is fout.

Een vader die zich te snel laat leiden door zijn eigen dromen, staat de echte dromen van zoon of dochter in de weg.

En neen, daar wil ik ons voor behoeden. Leef je eigen leven en volg je eigen dromen.

Maar meteen snapte ik ook de talloze moeders en vaders die zich laten leiden door hun eigen dromen. Hun passie uitgevoerd door hun grote liefde. Niet te tellen zijn ze, de vaders die hun zoon of dochter een te dure koersfiets kochten en hen de hemel in prezen omdat ze als tien- of vijftienjarige het podium in ‘Erwetegem’ mochten bestijgen en meteen wegdroomden naar het podium van De Ronde of de Champs-Elysees. Jaren later is ontgoocheling hun deel.

Nee Milo, ondanks dat mijn mooiste wapenfeit het feit is dat ik met koersen de familie dichter bij één bracht en hen een onvergetelijke periode bezorgde, gaan we die fout niet maken.

Een goede vader beschermt niet alleen zijn kinderen maar ook zichzelf. Dus droom je eigen dromen.

Ik volg, altijd.



Liefdes- en levensbrief 6: de berg op.

Liefste Milo,

Als ouder heb je de verantwoordelijkheid ‘je’ kind te vormen vanuit je hart en gevoel. Soms neem je reflexbeslissingen. Zonder veel na te denken antwoord je in een seconde ja of nee. Nee, dat mag je niet. Ja, dat mag je wel. Ouders beslissen vaak instinctief. Uitgaand van eigen visie of gevoel. Bibliotheken staan vol met boeken over opvoeding, meestal geschreven vanuit een theoretische of wetenschappelijke benadering, zelden vanuit een gevoel. Het kwam al in enkele brieven naar voor: elk mens is en reageert anders. Iedereen heeft zijn talenten en beperkingen. Niet alles is een keuze en niet iedereen heeft de keuze. Als we je dat kunnen bij brengen en je dat respecteert zijn we al een hele stap ‘voorwaarts’.

De vraag die je zelf dient op te lossen is: ‘Hoe het leven te leven?’ Als je het antwoord op die vraag voor jezelf gevonden hebt, dan wordt het leven een stuk simpeler. Het antwoord erop is persoonsgebonden en dus terug differentieel. Sommigen zijn hyperambitieus en werken de klok rond voor de ‘carrière’, anderen realiseren zich dat ‘de carrière’ op het einde van het leven niks voorstelt (allemaal gaan we die put in). Sommigen sporten om de beste te zijn, anderen sporten voor de gezondheid, de vrijheid. Sommigen leven van dag tot dag, anderen plannen alles vol,… Allemaal zoeken we ons geluk, op een eigen wijze naar een eigen keuze.

Velen onder ons worstelen hun hele leven met de vraag ‘hoe het leven te leven’. Als mama of papa kunnen we jou helpen en onze ervaringen delen maar het antwoord dien je zelf te ontdekken. Samen met loslaten moet dat zowat de moeilijkste opdracht zijn voor een moeder of vader. Want de tocht naar het antwoord gaat samen met je eigen kind zien vallen. Op voorhand weten dat hij of zij regelrecht tegen de muur aanloopt. Je leert zoveel meer van iets die niet lukt. Mislukkingen en ontgoochelingen vormen je. Het maakt deel uit van wie we worden en zijn.

Wees gerust, elk mens draagt een koffer met mislukkingen of ontgoochelingen. Enkele dagen geleden ontgoochelde ik mezelf nog. Het liep niet zoals ik het wou of dacht dat het zou lopen, ondanks redelijk wat werk en inspanning (je wordt vaak beloond voor wat je doet maar heus niet altijd). Achteraf gezien heb ik mezelf niks te verwijten: ik deed wat ik kon maar stootte op beperkingen. Dat is het leven. En hoe het te leven? Opstaan, stilstaan bij wie of wat je gelukkig maakt en verdergaan.

Onthou: je moet de berg opgaan om te zien wat er rond ligt. Soms zie en voel je de afgrond , andere keren geniet je en huppel je door een landschap van een verbluffende schoonheid. Maar steeds weer moet je de berg op. Door beneden te blijven en te zitten huilen zie je niet wat er komt. Ga altijd weer die berg op.

Liefs

Je papa

Liefdes- en levensbrief 5: liefde en geluk aan één tafel.

Liefste Milo,

Hier ben ik weer. De man die je sedert een kleine twee maand ‘papa’ noemt. Telkens je die vier letters van tussen jou lippen brabbelt, voel ik me smelten als een bolletje vanille bij 35°.

Een dikke week geleden werd je twee! We vierden met de de opa’s en oma’s en nonkels. Cadeaupapier werd door een piepjong blondkrullend welpje verscheurd al was het een prooi in de savanne. Nieuw speelgoed weerglanste in je helderblauwe ogen. Een brandweerkazerne, wat tekenmateriaal en twee fietsen rijker: een zwart loopfietsje en een retrogroene driewieler van oma en opa. Wees gerust, we pushen je tot niks.

Je begint mondig te worden. Soms te mondig (grapje). Zo is papa soms niet voldoende maar zeg je met een mature houding ‘papa Dieter’ of ‘mama Bell’. Als mama of papa morsen repliceer je met ‘mama toch’ of ‘papa toch’. Als Milo morst is het ‘Arne toch of papa toch’ maar nooit Milo toch. Je fiets spreek je momenteel uit als sietsje, je knuffel pinguïn als pingin. een schelletje als veesje (vleesje), …

Je linkt ook spullen: als je zegt ‘sietjse’ dan zeg je bijna automatisch ook ‘elm’ (helm) en wijs je naar je hoofd, een brommer of vis koppel je altijd met opa Dirk (opa Dirk heeft een vespa en vissen), kippen doen je denken aan beide opa’s en oma’s, een schaap dan weer aan opa (Roland) of oma (Myriam). Tractors (tactor), kranen (kraan) en vliegtuigen (tiegtuig) merk je meteen op nog voor ook maar iemand ze in de gaten heeft. Als er een kraan in de buurt stond, die ondertussen al weken terug weg is, blijf je op dezelfde locatie de link leggen met de kraan en zeg je ‘kraantje weg e’, enz. enz.

Twee jaar, een heerlijke tijd of laat ik eens lekker chauvinistisch zijn en zeggen: Milo, mijn/ons zalig maatje.

Kapoen Milo, soms weet je verdomd goed wat je zegt of uitspookt op welk moment. Elke avond aan de keukentafel is er na een uitspraak of handeling van jou, onze beste vriend, wel een moment dat je moeder en ik recht in elkaars glinsterende ogen kijken en zonder woorden weten: liefde en geluk aan één tafel, straks nog een vierde stoel erbij, veel mooier wordt het niet.

Liefs, je papa.

Liefdes- en levensbrief 4: Alles kan keren.

Liefste Milo,

Kleine grote Milo. Wat gaat het snel. Binnen een tweetal maand word je twee! Sinds jij als klein mensje ons op onze tocht vergezelde klopt het cliché van de vliegende tijd. Dag per dag evolueren we samen en stippelen we onze toekomst verder uit. Samen en ook weer niet. Want, wij, de ‘grote’ mensen denken en beslissen in jouw plaats.

Zoals eerder neergeschreven, alles is ten dienste. Vaak zeggen of knikken we ‘nee’, ondanks ons hart ‘ja’ fluistert. Van een eenvoudig speculoosje tot het opruimen van de rommel die je overdag spelenderwijs rondstrooide. In de beslissingen die je toekomst zullen bepalen zal ons hart altijd een overduidelijke ‘ja’ schreeuwen vooraleer de knoop wordt ontrafeld.

Zo werd je school voor de komende negen jaar vastgelegd. In de hoop dat het de juiste keuze voor jou, als mens, betreft. Een school die niet alleen de ontplooiing van kennis maar ook de ontwikkeling als mens centraal stelt. Een school met mensen die puurheid appreciëren en ernaar handelen.

Milo, onthou:

het leven is flexibel. Soms speelt het hard, een zucht later zacht.

Professioneel kende ik de laatste maanden moeilijke momenten. Maar enkele woorden schonken me hoop en kunnen ‘dingen’ in gang zetten. Dingen die voor een ander onbelangrijk lijken maar voor jezelf een wereld van verschil kunnen maken.

Van grijsmistig naar blauwhelder.

Bij veel mensen schijnt het goed te gaan maar is het dat niet. Breekbaarheid wordt aanzien als een zwakte maar is net een sterkte. We hoeven heus niet altijd sterk te zijn. Wees puur maar ook breekbaar. Het belangrijkste is: zoek en je zal vinden, alles kan en zal keren.

Alles kan keren. Soms apart, soms samen. In juli verwelkomen we samen je zusje en soms zullen je moeder en ik broos aanvoelen. Want voor mezelf weet ik het nu al, de eerste zes maanden na de geboorte liggen mij het minst. Maar in die maanden zal ik zoeken en vinden en alles zal keren.

Het huisnummer 43, van drie naar vier, wie me dat een vol jaar geleden had verteld , schonk ik ogen vol ongeloof. Maar zie. Deze zomer is het zo ver. Dan gaan we van drie naar vier. Een tweevoud van onvoorwaardelijke liefde. Samen het leven tegemoet. Alles kan keren.



Liefdes- en levensbrief 3: Steenhard

Verlangen naar thuis

Met één gedachte

Huiselijke warmte

Vrouw en kind

Pure liefde

De deur openen

Vreugde zien

Guitigheid en gulzigheid in één lach verwikkeld

Een klein mensje vol onschuldigheid

Twee armpjes om je heen

Geen grotere welkom

Maar soms hulst in dat kleine mensje

onwetende hardheid

Klanken als mama maar geen papa

Onschuldig

Een zoen op de lippen van zijn mama

niet voor papa

Armen rond mama

een verweesde, innerlijk vraagstellende papa

Onschuldig maar Steenhard

 

Professioneel toerisme

Zoals u weet, of niet weet, haak ik soms nog mijn koersfiets van de muur om een wedstrijdje te betwisten.  Geen wedstrijden meer van 120 tot 165 km zoals vroeger maar gewoon wedstrijdjes van 60 tot 70 kilometer.  Geen wedstrijden meer met de ambitie om misschien wel die jongensdroom te realiseren maar gewoon wedstrijdjes om de conditie wat te onderhouden en de gezondheid te ‘soigneren’.

Wedstrijden rijdt men bij de ‘echte’ wielerbond, hoofdzakelijk mannen met ambitie om later dit jaar misschien wel een profcontract te ondertekenen of een mooie bijverdienste bijeen te fietsen.  Wedstrijdjes rijdt men bij de nevenbond in allerlei pluimages van LWU over OVWF tot WAOD.  De lijst van ‘nevenbonden’ is lang.  Zowat alles en iedereen kom je er tegen van achttienjarigen tot 65-plussers.  Van ongetraind tot overtraind.  Het vreemde is: steeds meer lijkt het of men bij de nevenbond sneller de pedalen kwijt is dan bij de wielerbond.  In de winter al helemaal, de ‘landelijke renners en crossers’ (LRC) investeren hun zuurverdiende maandloon in een veel te grote mobilhome om toch maar niet uit de toon te vallen op de wei van boer Charles.

Op de weg is het materialisme nog niet doorgedrongen maar de wintervoorbereiding als een voleerde prof des te meer.  U moet weten, de nevenbond werd in het leven geroepen om mannen zoals ik, hun hongerige competitieve beestje te stillen.  Mannen die een professionele carrière  hoger inschatten dan wat rondjes fietsen in Lotenhulle of Markegem.  Mannen die hun gezin liever zien dan hun fiets.  Mannen die gewoon enkele keren per jaar eens goed willen puffen en zweten.  Mannen die blij zijn een paar uur per week hun hoofd leeg te maken door hun fiets af te haken en het Vlaamse veld te doortrappelen.

Het professioneel toerisme/amateurisme van zij die de nevenbond voor veel te serieus nemen, maakt het voor die mannen onmogelijk om een rugnummer op te spelden en een uur en een half later de waslap op te nemen en de voldoening van het afzien af te spoelen.  Door hen wordt afzien, martelen.

Deze winter zag ik op de fietsapp Strava de gekste duurtrainingen verschijnen, niet van mannen die wedstrijden rijden maar gewoon mannen die wedstrijdjes rijden.  Trainingen van 150, 160 kilometer waren geen uitzondering.  Tien tot vijftien trainingsuren per week waren dat ook niet. De vraag ‘Waarom?’ kwam telkens bij me op.  Waarom in godsnaam?  Geld valt er niet te winnen, respect al helemaal niet.

Sommigen zijn duidelijk de pedalen kwijt.  Of ben ik zelf de pedalen kwijt?